RSS feed voor het nieuws van www.elkz.nl

plus minus gleich
"God is niet een God van nijd, maar van genade" - Maarten Luther

Online preken lezen en luisteren

De preek van zondag 30 juli 2017

E-mailadres Afdrukken

Overdenking bij 1 Kon 3: 5-12 en Matt. 13: 44-48

Gemeente van onze Heer Jezus Christus,

Op het eerste gehoor zou je zeggen dat we hier vandaag een paar sprookjes voorgeschoteld krijgen.

De vraag van God die Salomo in zijn droom hoort: vraag me wat je wilt en Ik zal het je geven, die vraag zou niet misstaan in een sprookje van Grimm. Al verschilt het antwoord wel. In een sprookje vraagt een jongen, die altijd arm en onaanzienlijk is, meestal om de hand van de prinses . Daar moet hij dan eerst een heleboel voor doen, een aantal gevaarlijke opdrachten tot een goed einde brengen. Dan verwerft hij zijn prinses en een zak goud. En uiteindelijk leven ze nog lang en gelukkig.

De jonge koning Salomo vraagt niet om rijkdom en niet om een prinses, maar om een opmerkzaam hart, een luisterend oor, om wijsheid, om te onderscheiden tussen goed en kwaad, om recht te kunnen spreken en een goede koning te worden voor zijn volk. En volgens de bijbelschrijvers wérd hij dat ook: een goede en wijze koning met veel hart voor zijn volk. Zijn droom was geen sprookje, maar een intense ervaring waardoor hij ontdekte waar het hem in zijn leven werkelijk om ging.

Ook hoe Jezus de gelijkenissen vertelt over een verborgen schat en een kostbare parel, lijkt wel een sprookje.

In sprookjes betekent het zoeken en vinden van een schat altijd het zoeken en vinden van je roeping, je bestemming. Zo is het ook in deze gelijkenissen.

Misschien vertelt Jezus het bewust zó om ons ertoe te brengen eens op een heel andere manier naar ons leven te kijken. In ons gewone leven geldt de logica van 2x2 = 4. Er wordt van ons verwacht dat we ons rationeel gedragen. Teveel fantasie, teveel dromen, dat brengt geen brood op de plank. Denk goed na voor je iets doet en doe maar gewoon.

Maar wie vooral denkt in feiten en uiterlijkheden komt niet in de buurt van het geheim van Gods Koninkrijk. Nu is het bijzondere van Jezus' gelijkenissen dat ze wel beginnen in de sfeer van het herkenbare , het alledaagse. Ze gaan over zaad, over brood, over zuurdesem, en nu over een akker en een parel, straks ook nog over een sleepnet vol vissen. Gewone, dagelijkse dingen, maar daar geeft Jezus dan een bijzondere wending aan, die de hoorder op een ander been zet.

Neem nu die akker. Iemand werkt als loonarbeider op het land van een ander en stuit ineens op een schat. Dát er een schat begraven ligt is niet eens zo vreemd. In een tijd dat er nog geen banken en kluizen waren gebeurde het vaker dat iemand zijn kostbaarheden begroef om ze te beschermen tegen dieven en rovers. Niet alleen toen. Een oude vriendin van mij, die in de oorlog in Indonesië met haar gezin naar een Jappenkamp moest, heeft van tevoren haar tafelzilver begraven in haar tuin en na de bevrijding is ze het daar weer gaan opdelven. Ik heb er nog een zilveren lepel van, en die koester ik.

Een man is aan het werk op het land van een ander als hij bij toeval een schat vindt. Misschien was de rechtmatige eigenaar allang dood. Het was wat je noemt een geluksvondst. Wat doet hij? Hij handelt heel zorgvuldig. Hij neemt de schat niet mee, dan zou hij een dief zijn, ook al zou niemand dat zien. Hij begraaft hem weer, en hij zet alles op alles om die akker te kopen. Wat wil Jezus hiermee zeggen over het Koninkrijk der hemelen? Is dat een schat, of is het het verlangen ernaar?

Dan de tweede gelijkenis, over de parel. Hier is geen gelukstreffer. Er is een handelaar die al heel lang op zoek is naar iets wat écht van waarde is. Hij zoekt en zoekt – en dan vindt hij een parel van uitzonderlijke schoonheid. Hij is zo intens blij dat hij al zijn bezittingen verkoopt om deze ene te kunnen kopen. Maar zakelijk gezien is dat raar. Als deze man logisch had gehandeld, had hij dit nooit zo gedaan. Want wie zou zo'n kostbare parel ooit van hem willen kopen? Hij moet toch kunnen blijven handelen om inkomsten te houden? Stel dat er een keer een slechte economische tijd komt, dan kan hij zijn parel nooit meer voor deze prijs verkopen. Ja, misschien is het wel heel onverstandig wat de koopman gedaan heeft. En toch bedoelt Jezus dit met deze twee voorbeelden: geloven is voor een deel even logisch als het gedrag van die man die het stuk land koopt om de verborgen schat te krijgen, én geloven is voor een deel even avontuurlijk en onlogisch als wat die koopman doet, alles op het spel zetten om deze parel te bemachtigen.

Wat bedoelt Jezus toch? Ik vermoed dat het eigenlijk gaat om iets wat je niet zomaar ziet, om iets wat niet te koop is. Om de vreugde die je kunt beleven door een bewuste keuze. Om het álles over te hebben voor dit ene. Het gaat daarbij om een andere, onzichtbare werkelijkheid. Het gaat om innerlijke rijkdom. Hoe bereiken we dat?

We doen er in ons leven heel veel aan om gelukkig te worden . We denken dat soms te bereiken door ons te omringen met bezit, in de hoop dat we ons dan minder onzeker zullen voelen. En natuurlijk ontdekken we gaandeweg dat geluk niet te koop is, en dat spullen geen zekerheid bieden.

Jezus wil ons leren dat we een heel andere weg moeten gaan om gelukkig te worden.

Dat echte rijkdom van binnen zit. Dat we onze krampachtigheid kunnen leren loslaten. En zo kunnen rijpen in liefde en vertrouwen en ons door God laten leiden. Als je erop leert vertrouwen dat je voor God mag zijn zoals je bent, met al je onzekerheid, dan ontdek je waar het wezenlijk om gaat in je leven. Als je jezelf leert aanvaarden dan ontdek je dat geluk ontstaat uit liefde - voor anderen en voor jezelf. Dat besef kan gaan groeien, als een parel, heel langzaam. En de glans ervan geeft zicht op het Koninkrijk van God.

Ieder van ons is een parel in Gods ogen. Ieder van ons is door God gevormd tot een kostbare schat in de akker van de wereld. Ieder van ons, met al zijn hebben en houden. Er zitten altijd meerdere facetten aan een gelijkenis.

We zijn zowel de zoekers als de vinders, én we zijn dat wat gevonden wordt: de schat en de parel.

We hoorden nóg een gelijkenis vandaag, over de vissers die hun sleepnetten vol vis naar de kant halen. De bruikbare vis stoppen ze in vaten, het slechte gooien ze weg.

In het schepnetje van ons dagelijks leven komt van alles terecht, bruikbaar, onbruikbaar, goede en nare zaken, recht en slecht. Je moet je net geregeld legen, anders wordt de last te zwaar. Dan moet je kiezen wat je echt nodig hebt en wat je beter kwijt kunt, omdat het schadelijk is voor je lijf en ziel. Je moet kiezen tussen wat er werkelijk toe doet en wat ballast blijkt te zijn. Daarbij hoef je niet te oordelen over dat wat je kwijt wilt, dat kun je aan God overlaten. Om te ontdekken wat essentieel is in ons leven, daarvoor zijn we ook samen gemeente. Wat is wijsheid? Hoe leren we uit liefde te leven? Het is één van onze opdrachten als gemeente om dat met elkaar te verkennen, gesterkt door Woord en Sacrament.

Nog een facet van deze gelijkenissen is dit: het Koninkrijk van God is niet op zichzelf een schat, of een parel, of een sleepnet. Het is wat we daarmee dóen, het is een gebeuren, waar je soms even een glimp van ziet. Zien-soms-even, in de woorden van Huub Oosterhuis. Het gaat om het zoeken, het vinden, het onderscheiden, het in beweging blijven, om een wijs en liefhebbend hart. Want het Koninkrijk: dat is er al, maar tegelijk ook nog niet. En misschien is het, zoals de dichter van ons volgende lied het zegt : geen woord kan het bereiken, het is aan niets gelijk, met niets te vergelijken, dat schone koninkrijk.....Laten we het zingend wat dichterbij brengen!

Amen.

 

De preek van zondag 30 april 2017

E-mailadres Afdrukken

GEDICHT BIJ HET KYRIEGEBED

In de Nijldelta

De jonge echtgenote huilde boven haar eten

in het hotel na een dag in de stad

waar zij de zieken zag, kruipend en liggend

de kinderen gedoemd te sterven van gebrek.

Zij en de man gingen naar hun kamer

waar men water gesprenkeld had tegen het stof

Ieder ging in zijn eigen bed, zonder veel te zeggen.

Zij viel in een diepe slaap. Hij lag wakker.

Buiten in het duister trok een enorm lawaai voorbij.

Gemurmel, gestamp, geroep, wagens, gezang.

In groot gebrek. Het hield maar niet op.

En hij viel in slaap, gekromd in een nee.

Een droom kwam op. Hij was op een zeereis.

In het grauwe water ontstond een beweging en een stem zei:

„Er bestaat iemand die goed is.

Er bestaat iemand die alles kan aanzien zonder te haten."

Thomas Tranströmer, Uit: de herinneringen zien mij

Lees meer...
 

De preek van zondag 9 oktober 2016

E-mailadres Afdrukken

gebed:

Eeuwige,

zie ons hier samen in dit huis van gebed

wij zoeken naar woorden en tekenen

die richting kunnen geven aan ons bestaan.

Spreek uw woord tot ons

dat ons van vreemden

tot vrienden maak,

van zieken tot gezonden

omwille van hem

die onze heelmeester is

Jezus Messias, onze heer,

vandaag en alle dagen Amen

Lees meer...
 
<< Start < Vorige 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 Volgende > Einde >>

Pagina 1 van 43