RSS feed voor het nieuws van www.elkz.nl

plus minus gleich
"Mooie muziek is de kunst van de profeten. Het kan onze ziel rustig maken. Muziek is een van de meest prachtige en heerlijke cadeau's die God ons heeft gegeven." - Maarten Luther


De preek van zondag 9 juni 2013

E-mailadres Afdrukken

Een stoet mensen loopt de stad uit. Het is een begrafenisstoet.

Een moeder, een weduwe, brengt het lichaam van haar zoon, haar enige, naar zijn graf.

In haar enorme verdriet moet ze voelen wat ieder die iemand aan de dood verliest wel gevoeld moet hebben: hier houdt het op. Dit was het. Nu houdt ook mijn eigen leven op.

Ze zal eerst hem begraven. Dan zal haar eigen leven alleen nog in het teken van de dood staan. Een leven in afwachting van de dood. Geen verzorgde oude dag, want er is niemand, die nog naar haar zal kunnen omzien zoals hij zou hebben gedaan. Niemand die haar dat verplicht is, in ieder geval. Misschien zullen haar buren haar helpen waar mogelijk. Maar wat maakt het uit. Hij, haar zoon, is dood. Hij stierf eerst, voor zijn tijd, maar zo mag het niet gaan. Zo hoort het niet. Hij had haar moeten begraven. Zij hem niet!

Zo is zij vervuld van gedachten over de dood. En de mensen om haar heen vergaat het net zo. Zij weeklagen, ze huilen. Hun hart bloedt om deze vrouw.

In gedachten verzonken zien ze eerst niet dat er nog een stoet is. Het is de grote schare rond Jezus. Jezus wil de stad in. Hij houdt stil en als hij haar ziet, "raakt alles in hem over haar bewogen" en hij zegt tot haar: ween niet!".

'Ween niet', hoe kan hij dat zeggen... Ze zijn nog niet bekomen van deze woorden, of Jezus grijpt de open kist en zegt - ongehoord -: "jongen, ik zeg je, word wakker!"

En de dode gaat zitten en begint te praten. Hij is wakker, opgewekt...

"En hij geeft hem terug aan zijn moeder", als eens Elia deed bij de weduwe van Sarfat.

De stoet van de dood botst in Jezus en zijn stoet tegen het leven aan. Met een schok wordt het leven weer wakker. Waar eerst alles dood en bijna begraven leek, brengt Jezus het leven weer. Waar alles opgehouden leek, gaat het leven, op een nieuwe manier, toch weer verder.

Zo vertelt Lucas het immers? Twee stoeten ontmoeten elkaar en botsen op elkaar:

De stoet van de dood, de optocht van alles dat gaat zoals het gaat, de weg van alle vlees, omdat iedereen toch eens sterven moet. Die stoet trekt de stad uit, weg uit de gemeenschap en iedereen moet mee, als een dodendans afgebeeld op de wanden van een middeleeuwse kerk.

en de stoet van het leven, die de weg gaat van het Koninkrijk, de weg van de blijde boodschap van nieuwheid van leven, als een rei van levenden, een vreugdedans.

Lucas vertelt dit verhaal als enige evangelist. Hij vertelt het met de bedoeling om wat hij vertelde over de jonge slaaf van de honderdman te versterken. Met nog meer macht spreekt Gods woord in Jezus tot de doden. En hier antwoordt de dode ook: hij begint te praten.

De dood loopt hier op tegen het leven, dat door God in Jezus wordt gegeven. Het begint bij zijn ontferming, dat vanuit zijn binnenste komt. Want zo is God bewogen om de mens in haar nood. Hier gebeurt het een vrouw die het zwakst van alles staat: alles is zij kwijt, eerst haar man en toen ook haar zoon. Met zijn dood hield alles op. Met zijn opwekking, zijn wakker worden uit de dood, begint het leven weer.

'Waar moet je over preken', zei een vriend van mij deze week. Over hoe Jezus een dode opwekt, zei ik kort. 'O, maar dat heb ik vaak meegemaakt!', zei zijn vriendin, die arts is in een ziekenhuis. Ze had immers vaker mensen gereanimeerd. En ze vertelde hoe ingrijpend dat was voor die mensen, wat ze van hen had gehoord als ze later iets konden vertellen van hun ervaringen om met een zeker geweld uit de dood te worden teruggehaald. Dat varieerde van uiteindelijke blijheid, omdat zij het leven weer hadden, tot een blijvende last vande traumatische ervaring die het ook was, in meerdere opzichten. De medische wetenschap kan tegenwoordig veel van wat onder Jezus' handen gebeurde aan genezingen en wonderdaden. Inclusief mensen terughalen uit de dood. We zijn een eind gevorderd en daar moeten we heel blij mee zijn. Maar of dat hetzelfde is, wat hier bedoeld is? Dat betwijfel ik sterk.

De opwekking uit de dood waar het hier om gaat, gaat hoe dan ook verder dan dat die jongen weer leeft en aan zijn moeder wordt teruggegeven. Natuurlijk is dat al onvoorstelbaar veel, maar Lucas wil er toch meer mee zeggen dan alleen dat. Net als bij Elia gaat het erom, dat er van God een kracht uitgaat die mensen naar het leven brengt, zoals God dat bedoeld heeft. Een leven in gemeenschap met anderen. Een leven waarin mensen voor elkaar kunnen en willen zorgen en elkaar gegeven zijn om voor Gods aangezicht te leven. Daarom gebeuren al die wonderen waarover verteld wordt in de bijbel hier en nu, op aarde, temidden van mensen en krijgen wij bijvoorbeeld niet een kijkje in de hemel.

Dekracht die het leven weergeeft, in Christus, in elia, die kracht van God, die wordt mensen hier en nu gegeven. Het is een krahct die ons verbindt metde eeuwgheid, met Gods eigen werkelijkheid, die ons meestal verborgen is. Daarom gaat het ook om meer dan het hier en nu. Het gaat om het leven in gemeenschap met de Eeuwige, om eeuwig leven dus.

En daarom kun je in die vrouw ook de mensheid zien, of de kerk, of ook elk van ons. In Jezus lopen wij op tegen het leven. Het leven zoals God dat wil geven.

Wij weten het vaak niet, maar er is veel dood, waar wij leven denken te hebben. In hoe wij leven in de schepping wordt dat misschien nog wel het meest duidelijk. Bijna totaal vervreemd van onze eigen plek in het geschapene, gaan we als mensen onze onafhankelijke gang, verwoesten we het ecologisch evenwicht tot het op sterven na dood is, halen we sociale verbanden door elkaar en hebben we economische systemen waarin de mensen in hun onderlinge verbondenheid in gemeenschappen centraal stonden, verruild voor verering van geld en van enkelingen of enkele groepen en verzwakt door corruptie. Het is een doods leven, als je er zo naar kijkt. Het heeft geen enkele toekomst, en het wordt niet wezenlijk beter van een procent economische groei of verbeteringen op de huizenmarkt. Er moet veel meer veranderen.

En Jezus, komt die daar ineens een einde aan maken? Niet patsboem, ineens, nee. Eigenlijk is deze opwekking, dit wonder, hoe groot en onvoorstelbaar ook, nog steeds maar een teken, een voorbeeld van de grote vernieuwing, waar het God om gaat. Het is een voorbeeld, waaruit blijkt dat Jezus' weg een weg van de geleidelijkheid is. Je zou kunnen zeggen, zeker bij Lukas: Jezus gaat een therapeutische weg. Hij is een heelmeester. Dat klinkt ons soft in de oren, misschien. Maar ik kan al die genezingsverhalen van Lucas niet anders zoen dan zo. Maar in die therapeutische handelingen, waarin steeds een mens wordt teruggezet in zijn omgeving, in zijn familie, wordt duidelijk dat het om meer gaat. Zo wil God handelen met de hele wereld. Zo zal hij alles nieuw maken.

Pas als we tegen Jezus aanbotsen, die het leven van God zelf meedraagt, die vanuit God diep om mensne bewogen is, pas als we halt moeten houden voor het leven, beseffen wij met een schok, dat we voorheen eigenlijk niet wisten wat leven is.

Als kerk ligt daarin onze opdracht, dat we Jezus volgen op die therapeutische weg. We moeten willen meedoen aan het heelmaken van de wereld, die ziek, stuk, kapot is. Niet vanuit het idee: dat zullen we wel eens even doen, laat dat maar aan ons over. Wij weten van onze eigen beperkingen en wij zijn immers zelf ook beschadigd. Maar wel, om vol hoop uit te dragen, dat het leven, ieder leven en dat van de hele gemeenschap nieuw en levend kan worden.

Dan moeten we wel bereid zijn om ons door Jezus te laten storen. Als antwoord op de vraag van Johannes: "ben jij de komende of hebben we een ander te verwachten?" wijst Jezus naar de tekenen, die Jesaja al heeft aangekondigd en die daar gebeuren, waar God zelf de wereld aan het nieuw maken is: blinden gaan weer zien, doden ontwaken, enzovoort. En hij zegt: "Zalig is hij die niet struikelt over mij." Want dat is natuurlijk zomaar mogelijk, dat we na het botsen op Jezus blijven bij onze ergernis, ons onbegrip, ons ongeloof. Maar Jezus zelf nodigt ons uit, verder mee te gaan en onze weg door het leven vol geloof te vervolgen en te hopen op de vernieuwing die God brengt. Want door het van God te verwachten, krijgen we de kracht voluit mee te doen en overwinnen we ons doemdenken, onze machteloosheid. We gaan beseffen dat wij weliswaar maar kleine stappen kunnen zetten, maar dat die stappen wel meedoen. We krijgen zo als het ware onze plaats in de schare, die zich verwonderen mag en die God prijst om elk teken van leven dat Hij geeft.