RSS feed voor het nieuws van www.elkz.nl

plus minus gleich
"Onze Heer heeft de belofte van de wederopstanding niet alleen in boeken geschreven, maar in elk blad van de lente." - Maarten Luther


de preek van zondag 20 juli 2014

E-mailadres Afdrukken

De vliegtuigramp in Oekraine en de gebeurtenissen van deze week hebben ons als Nederlanders niet alleen geschokt, maar ook direct geconfronteerd met de gevolgen van een oorlog die wij tot nu toe van een afstand konden bekijken. 298 doden en daarvan 192 Nederlanders. De lijst met namen is enorm. Vermenigvuldig dat voorzichtig met tien en je krijgt enige weet van het aantal nabestaanden, die hier om rouwen. Tot in onze gemeente zijn ze te vinden. Maar ook de mensen die er verder vanaf staan, ja wij allen, voelen het verdriet en de woede om zo'n misdaad tegen mensen die part noch deel hadden aan het conflict dat wordt uitgevonden op het grondgebied waarop ze neergestort zijn. Geen tragisch ongeluk, maar een raketaanval. Het heeft vele honderden mensen van een geliefd medemens beroofd en een enorme drempel in hun rouwproces opgeworpen, omdat het bergen van de lichamen wordt verhinderd.

Het maakt eens te meer duidelijk dat het kwaad er is en dat het steeds opnieuw onschuldige mensen treft. Dat wisten we allang, maar een aanslag op deze schaal bij wie ook nog zovele landgenoten onder wie zelfs familieleden zijn, brengt de conflicten en oorlogen van onze wereld, die wij meestal nog op veilige afstand kunnen houden, tot over onze drempel. Dat maakt dat wij nu misschien iets voelen van de verbijstering en ontreddering die zovele andere burgers in conflictgebieden over de hele wereld dagelijks doormaken, in Oekraine, Gaza,  Israel, Syrie, Irak of in vele delen van Afrika. En het maakt de zorgen om hoe het nu verder gaat in dit en vele andere conflicten des te groter.

Het kwaad is er, in alle soorten en maten en het brengt ons steeds weer tot de vraag alle eeuwen en plaatsen sinds er geloof in God is: waarom laat God het kwaad toe? Waarom maakt Hij, die hemel en aarde, de hele schepping heeft gemaakt, geen einde aan het kwaad. Waarom is er niet alleen maar goed? We weten niet waarom. Maar het verschil tussen de atheist en de gelovige is dat de atheist zegt: er kan helemaal geen god zijn, met zoveel kwaad in de wereld; als er een god zou zijn, zou die er wel wat tegen doen en dat de gelovige op de een of andere wijze probeert te leven met het raadsel van het kwaad, terwijl hij tegelijkertijd gelooft in een God die goed is. En natuurlijk zitten daar de agnosten, de niet-weters en nog allerlei varianten tussenin.

Maar er is natuurlijk niet alleen maar kwaad in de wereld. Er is ook veel goeds. Godzijdank. Dat zie je tot in wat wij deze dagen meemaken toe: hartverwarmend medeleven, vastberadenheid om volledige duidelijkheid over de oorzaak van het neerstorten van het vliegtuig te krijgen die we hard nodig  zullen hebben bij alle tegenwerking die er nu al is. Een beeld vond ik ontroerend, omdat het meselijkheid liet zien: vrouwen uit het dorp waar het vliegtuig neerstortte, kwamen bloemen brengen bij de plaats van het onheil.

Hoe kun je temidden van dit alles de vraag naar Gods almacht open houden, hoe houd je de hoop levend op God, die uiteindelijk de koers van deze ontzinde wereld ten goede zal keren en naar zijn grote vernieuwing zal brengen? Hoe houd je je hart gericht op het koninkrijk van God? Hoe blijf je geloven in het goede, temidden van het kwaad, in deze wereld waarin zoveel mensen door angst, pijn en tekort geen menswaardig leven kunnen leven?

De gelijkenis over het koninkrijk der hemelen, die Jezus vertelt, gaat ook over die vragen naar goed en kwaad die tegelijkertijd voorkomen.

God zaait zijn koninkrijk als het goede, dat in deze wereld tot wasdom komt. En dat zal gebeuren, het gebeurt al, want de mensenzoon zelf heeft het goede zaad gezaaid, dat kiemkrachtig is en zeker vrucht zal dragen. Het zaad wordt graan en brengt het tot wuivend koren en tot een brood, dat mensen dagelijks voedt.

Maar temidden van dat koren wuift nog iets anders op de wind en het is soms nauwelijks te onderscheiden van het graan. Het is onkruid, dat oneetbaar is, giftig zelfs. Naast het goede woekert het kwaad en het zaait zich uit en het wordt even groot als het goede graan.

Moeten we dat niet stoppen, dat kwaad, zodat alleen het goede kan verder groeien? Als we het vroegtijdig herkennen, dan kan dat toch, dan kunnen we voorkomen dat het zover komt, dat de akker, de wereld wordt verpest door het kwaad... We moeten het kwaad uitroeien als onkruid.

Dat zouden we graag willen, dat het zo maakbaar was, dat we het kwaad zouden kunnen weghalen. Door alleen het goede te doen, door het kwade in onszelf en in anderen weg te halen. Door het keihard af te straffen en de kop in te drukken. Vandaar misschien ook onze neiging om direct het kwaad aan te wijzen, om precies te weten hoe het in elkaar zit en om er direct naar te handelen.  Zo werkt ook wraak en de drang om te vergelden. Heel menselijk en begrijpelijk. Heel vaak ook het recept voor weer nieuwe ellende en zelden het begin van echte vrede. Natuurlijk is er geen samenleving op aarde  mogelijk zonder recht en strafrecht. Waar dat ontbreekt, heerst anarchie en dat zien we onder meer aan Oost-Oekraine. Maar het is en blijft beperkt. Het kwaad zelf glipt door onze handen, wij krijgen het niet in de greep.

Jezus zegt wat anders. Hij zegt over het goede zaad en het onkruid:

"Laat beide samen opgroeien tot aan de oogst, dan zal, wanneer het oogsttijd is, tegen de maaiers zeggen: 'Wied eerst het onkruid, bind het in bundels bij elkaar en verbrand het. Breng dan het graan bijeen in mijn schuur.'"

Wij willen vaak te snel oogsten, een waardeoordeel geven aan wat gebeurd is, aan wat anderen hebben gedaan, aan wat wij hebben gedaan. Maar de Heer is geduldig met zijn wereld, zijn mensenwereld, waarin goed is en kwaad, juist ook in de mensen, in ons. En wij krijgen allen de kans om te ontkiemen en vrucht te dragen.

Want met het zaad dat God gezaaid heeft, is niets mis. Het is goed en het blijft goed en hij heeft ook ons toebedacht, dat wij bij de oogst horen, dat Hij zich in ons herkennen zal. Gods Rijk groeit onder ons, tegen de verdrukking in, zelfs als wij het niet zien. Dat is de wijze van groei van Gods koninkrijk.

Het goede nieuws, het evangelie, is, dat Gods rijk, ooit helemaal tot bloei zal komen. Daar zal God voor zorgen. Het kwaad kan door mensen nooit helemaal uitgebannen worden. Dat is aan God.

Wij leven dankzij het geduld van God. Of de oogst aan het einde van de tijd is of dat de voleinding geschiedt in onze levenstijd, nu dus, in ons eigen leven en ons samenleven en in ons geweten, wie anders dan God zelf zal ons dat zeggen? Wij worden elke dag in staat gesteld om te ontkiemen en goede vrucht te dragen. Dat kunnen wij niet op eigen kracht, maar de kracht van waaruit dat gebeurt is al gegeven met wat God gezaaid heeft: zijn koninkrijk, dat onder ons groeit en waarin wij worden meegenomen. En het onkruid? Dat heeft geen toekomst. Het kwaad mist uiteindelijk ieder doel, het is zinloos, zonder zin. De toekomst is weggelegd voor het goede zaad van Gods Rijk, aan alles wat het leven dient en opbouwt, aan recht en vrede. De Heer des huizes, God zelf, vraagt van ons daarin te geloven en ons te richten naar het evangelie, de goede boodschap van het leven tegen alle dood in. Wij zij geroepen te geloven in het goede van God, dat het kwade overwint en overwinnen zal.