RSS feed voor het nieuws van www.elkz.nl

plus minus gleich
"Er is geen mens zo slecht, dat hij ook niet een beetje goedheid bezit." - Maarten Luther


de preek van Startzondag 6 september 2015

E-mailadres Afdrukken

Levend water, dat is het thema van deze startzondag.  Dat water van levensbelang is, dat begrijpen we allemaal meteen. Het voorbeeld van de woestijnkever laat zien hoe de natuur ons kan inspireren tot inventieve manieren om  economisch met water om te gaan. Met een mooi een technisch woord heet dat ‘biomimicry ‘. Dat is de wetenschap die in de natuur zoekt naar inspiratie voor nieuwe uitvindingen als oplossingen voor problemen. Dat woord ken ik zelf nog maar sinds een paar dagen, dus geneert u zich maar niet als u het vandaag voor het eerst hoort...!

Water is van levensbelang en dus moeten we het koesteren en wijs gebruiken. In Nederland en Zwolle even goed als in Ghana en Karimenga.

Maar ‘levend water’, dat is nog weer wat anders. Dat is een bijbels begrip. De bijbel verwijst er in letterlijke zin mee naar water dat opwelt uit de bodem en gaat stromen, in tegenstelling tot stilstaand water. Levend water is koel, helder water dat we kunnen drinken en dat leven mogelijk maakt. Meer symbolisch wordt dat beeld van het levende water gebruikt voor Gods liefdevolle betrokkenheid bij mensen. Dat is een levenskracht en een bemoediging die wij van God ontvangen en die voor ons evenzeer van levensbelang is als dat zuivere water. Het geloof heeft daar weet van en doet ons ernaar verlangen.

In de tekst die wij uit het Johannesevangelie lazen, staat Jezus in de tempel om onderricht te geven. Hij roept: “als iemand dorst heeft, hij kome tot mij en drinke!”

Hij staat er als iemand die het verlangen naar het levende water van God bij de mensen oproept, zoals de profeten voor hem dat deden. Zoals Jesaja, die riep: “hierheen, hier is water”’ en zoals Ezechiël dat deed, toen hij profeteerde over het water dat over de dorpels van de tempeldeuren sijpelde. Druppelsgewijs begint volgens dat visioen uit Ezechiël 47 Gods vernieuwende kracht het leven van de verslagen bannelingen in te stromen, maar het wordt tenslotte tot een onstuitbare  rivier die het doodse water van de Dode Zee verdringt en dorstig land verandert in vruchtbaar aarde. Zo stroomt kracht uit Gods woord en geeft God als de bron van het onstuitbare, levende water hoop op vernieuwing van de aarde.

Jezus roept dit beeld op vanwege het feest dat hij is komen vieren temidden van zijn volk: de afsluiting van het Loofhuttenfeest, Soekkot. Op de zevende dag wordt rijkelijk water uit de Siloambron geschep en rond het altaar geplengd. Op de volgende, achtste, dag wordt gebeden om regen. Dat alles ter afsluiting van het oogstfeest dat Soekkot oorspronkelijk was. Juist dan roept Jezus het verlangen naar levend water op met de woorden: “wie in mij vertrouwen heeft, zoals de Schrift zegt: rivieren van levend water zullen stromen uit zijn schoot!”

Dat citaat is zo nergens letterlijk in de bijbel te vinden, het past bij verschillende teksten, maar het bijzondere is, dat het hier toegepast wordt op de gelovige, op ieder die gelooft dat in Jezus Gods messiaanse toekomst begonnen is. Daarmee worden wijzelf tot een bedding voor dat levende water van God!

Jezus benoemt het heel lijfelijk: rivieren van levend water zullen stromen uit zijn schoot... De schoot, het binnenste, daarmee wordt de lichaamsholte bedoeld die zowel de seksuele organen als de spijsverteringsorganenen omvat. Met die holte werd aangewezen wat wij in onze cultuur met het hart bedoelen als emotionele kern van de mens, dat waar ons medevoelen met anderen huist. Dat waarmee we meevoelen met dat ene Syrische jongetje, zijn broertje en zijn moeder, die verdronken en zijn vader, die overleefde en in hen met ál die vluchtelingen die ins tromen naar Europa komen. Het binnenste waar God elk van ons wil raken en vullen met een liefde die nooit alleen maar voor onszelf bedoeld kan zijn, maar die moet doorstromen, naar buiten, naar anderen toe.

Wie geraakt wordt door Jezus’ boodschap van liefde en mededogen namens God, wie het leven schenkende water van Gods liefdevolle Geest krijgt ingegoten kan dat niet voor zichzelf houden en kan niet onberoerd blijven bij wat medemensen, dichtbij of ver weg, overkomt. Dat levend water dat wij krijgen, Gods liefde, is immers overvloedig veel. Het is niet alleen genoeg om onze eigen dorst te lessen naar liefde, naar gezien, gekend, begrepen en aanvaard worden, het is meer dan genoeg en moet dus verder stromen. Zo worden wij zelf een bron, een fontein die getuigt van het levende water dat wij zelf gekregen hebben.

In deze tijd komt het er in het bijzonder op aan of wij in geloof openstaan voor Gods Geest en ons door God te drinken laten geven. Of wij met wat wij zelf krijgen aan geestelijk water, ook anderen willen bijstaan. De vluchtelingen, maar ook zoveel andere mensen die beschadigd zijn geraakt doordat niemand hen nog echt kent, ja alle mensen voor wie wij naasten zijn.

Een vast recept voor hóe we dat moeten doen is er niet. Ieder van ons zal vanuit de eigen ontmoeting met God, die ons in ons binnenste raakt, bij zichzelf te rade moeten gaan hoe wij dat levende water weer uit ons verder laten stromen, tot welzijn van onze naasten. Wel mogen we geloven dat het niet allemaal van ons zelf afhangt. Het begint allemaal bij God, die ons in Jezus Christus op de bron van het levende water wijst, waarvan ook wij een bedding mogen zijn.